De verbinder tussen techniek en praktijk
Soms ontstaat verandering doordat iemand zich niet neerlegt bij de status quo. Voor Martijn begon zijn betrokkenheid bij buildingSMART met frustratie. Frustratie over software die niet goed samenwerkte, standaarden die moeilijk toegankelijk waren en een sector waarin iedereen zijn eigen werkwijze hanteerde. Juist daardoor werd hij een van de belangrijkste pleitbezorgers voor de praktische toepassing van open standaarden in de bouw.
Martijn: “Toen ik vroeg waar de IFC voor dummies was, kreeg ik als antwoord: ‘IFC is not for dummies, it’s for real professionals.’ Toen dacht ik: willen jullie nou dat mensen het gaan gebruiken of niet?”
Van Revit-gebruiker naar voorvechter van standaardisatie
Martijn kwam al vroeg in aanraking met BIM. In 2004 werkte hij als Revit-gebruiker en hielp hij organisaties bij de implementatie van de software. Al snel liep hij tegen een probleem aan. “De markt was enorm gefragmenteerd. Er waren verschillende resellers met ieder hun eigen manier van werken. Daardoor kon je nauwelijks samenwerken of informatie uitwisselen.”
Binnen een gebruikersgroep ontstond daarom het initiatief om afspraken te maken over een uniforme werkwijze. Martijn ontwikkelde een template die later de basis vormde voor de Nederlandse Revit Standaard (NLRS). Maar daarmee was het probleem nog niet opgelost. “Binnen Revit kon je afspraken maken, maar daarbuiten nog steeds niet. Toen ben ik me gaan verdiepen in IFC.” Samen met andere gebruikers ging hij in gesprek met softwareleveranciers zoals Autodesk om verbeteringen door te voeren. Dat leverde concrete resultaten op en gaf het gebruik van IFC in Nederland een belangrijke impuls. Via die weg kwam hij uiteindelijk bij buildingSMART terecht.
Een sector vol eilandjes
Toen Martijn voorzitter werd, bevond de sector zich volgens hem op een belangrijk kruispunt. “Eigenlijk deed iedereen maar wat.” Juist daarom ontstonden initiatieven zoals BIM Loket, waarin organisaties samenwerkten aan meer structuur en eenduidigheid. Binnen buildingSMART zag hij veel kennis en expertise, maar ook een uitdaging. “Er zaten ontzettend slimme mensen. Alleen werd er soms vooral met elkaar gesproken, terwijl de meeste gebruikers nog worstelden met de basis. Als ze niet weten welke knopjes ze moeten gebruiken om een goede IFC te maken, dan houdt het op.” Zijn missie als voorzitter was daarom helder: open standaarden toegankelijker maken en zorgen dat meer mensen ze daadwerkelijk gingen gebruiken.
Het kantelpunt: van theorie naar praktijk
Samen met Mathijs Natrop zette Martijn zich als voorzitter in om buildingSMART dichter bij de dagelijkse praktijk te brengen. Waar Martijn zich vooral richtte op IFC, hield Mathijs zich bezig met BCF. Samen organiseerden ze de eerste IFC-gebruikersdagen en BCF-praktijkdagen. “Ons doel was simpel: ga dingen uitleggen. Laat zien hoe het werkt. Maak het praktisch.”
Die aanpak kwam voort uit ervaringen die Martijn ook internationaal opdeed. Tijdens een summit in Oslo raakte hij in discussie met een hoogleraar die zich afvroeg waarom IFC 4 zo weinig werd toegepast. Volgens Martijn lag het antwoord voor de hand. “Voor de bouw belangrijke functies, zoals maatvoering en annotaties, ontbraken. Dan kun je wel zeggen dat die niet nodig zijn, maar op de bouw werken mensen nog steeds met tekeningen. Dat is vijftien jaar later nog steeds zo.” Volgens hem moet innovatie niet alleen technisch slim zijn, maar vooral bruikbaar. “Het is mooi wat er allemaal kan, maar het moet ook toepasbaar zijn.”
Zichtbaarheid, betrokkenheid en groei
Als Martijn terugkijkt op zijn voorzitterschap, denkt hij direct aan de praktijkdagen, gebruikersdagen en andere activiteiten die in zijn periode werden opgezet. “We hebben veel energie gestoken in uitleggen, bloggen, nieuwsbrieven maken en evenementen organiseren.” Die aanpak werkte. De bijeenkomsten zorgden voor meer zichtbaarheid, meer betrokkenheid en uiteindelijk ook voor groei van het ledenbestand. “Een Chapter is in de basis een gebruikersgroep. Dan moet je ook op gebruikersniveau communiceren.”
Wat is er veranderd in 20 jaar?
Volgens Martijn heeft buildingSMART de afgelopen jaren een belangrijke ontwikkeling doorgemaakt. Waar de organisatie vroeger vooral sterk was in de technische ontwikkeling van standaarden, is er tegenwoordig veel meer aandacht voor adoptie en kennisdeling. “Laatst was ik bij het aftersummit. Dat was ontzettend leuk en interessant. Zulke evenementen versterken de organisatie enorm.”
Hij ziet dat buildingSMART tegenwoordig beter de balans weet te vinden tussen technische verdieping en praktische ondersteuning. “Er zijn bijeenkomsten voor beginners, maar ook sessies over Linked Data en IFC5/X. Die combinatie is belangrijk. Dat doen ze goed. buildingSMART is een club mensen die het goed bedoelt, uiteindelijk ook gelijk heeft, en steeds beter leert om dat verhaal aan de buitenwereld te vertellen.”
De toekomst: adoptie blijft de sleutel
Voor de komende jaren ziet Martijn één thema boven alles uitsteken: adoptie.
“Je kunt geweldige dingen ontwikkelen, maar als bedrijven niet weten wat het is of hoe ze het moeten gebruiken, dan gebeurt er weinig.” Daarom pleit hij voor meer praktijkvoorbeelden, meer succesverhalen en meer aandacht voor de dagelijkse gebruiker. Tegelijkertijd blijft hij met zijn bedrijf BIMforce software ontwikkelen waarmee organisaties hun data beter kunnen begrijpen en benutten. Daarbij kijkt hij nadrukkelijk naar de mogelijkheden van IFC5/X. “Ik vind het mooi als ingewikkelde technologie uiteindelijk iets oplevert waar mensen echt mee kunnen werken.”
Misschien is dat ook precies wat hem al die jaren heeft gedreven: niet de techniek zelf, maar de waarde die techniek kan creëren voor de mensen die ermee aan de slag moeten.


